Marnix Gijsen
Vlaams letterkundige en schrijver
Leefde van: 1899 - 1984
Categorie: Schrijvers (Belgisch) | Schrijvers (Hedendaags) Land:
België
Geboren: 20 oktober 1899 Gestorven: 29 september 1984
Over Marnix Gijsen
Marnix Gijsen werd katholiek opgevoed, promoveerde in 1925 aan de Katholieke Universiteit Leuven tot doctor in de geschiedkundige en zedenkundige wetenschappen en zette zijn studies verder voort in Freiburg, Parijs (Sorbonne) en Londen (London School of Economics). Tijdens de Tweede Wereldoorlog brak hij met de geloofs- en morele waarden waarmee hij was opgegroeid en nam een stoïcijnse levenshouding aan. Marnix Gijsen begon zijn letterkundige carrière als dichter bij de expressionistische groep rond het literair tijdschrift Ruimte. Zijn belangrijkste gedicht is "Loflitanie van de H. Franciscus van Assisië". Hij was geïnspireerd door Paul van Ostaijen. Zijn werk werd vele malen bekroond: de Belgische Staatsprijs voor verhalend proza in 1957, de Belgische Staatsprijs ter bekroning van een schrijverscarrière in 1969, en de Prijs der Nederlandse Letteren in 1974. In 1975 werd de schrijver in de adelstand verheven. Marnix Gijsen ligt begraven op het Schoonselhof te Antwerpen. De Vilvoordse beeldhouwer Rik Poot maakte een bronzen borstbeeld van hem.
Bron Wikipedia
Boeken van Marnix Gijsen
Bestel Marnix Gijsen boeken bij bol.com:
Zoek binnen de citaten van Marnix Gijsen naar deze woorden:
Citaten 1 t/m 30 van 44.
-
Spijt is niet voldoende, inzicht zou beter zijn geweest.
― Marnix Gijsen -
Hoe een mens verondersteld wordt zijn leed te dragen, leren we op de verkeerde plaats: in boeken, op het toneel en in de opera. Het diepste leed wordt stil gedragen.
― Marnix Gijsen -
Hij die slaapt is onbereikbaar; hij die droomt bezit het onbereikbare.
― Marnix Gijsen -
Rijke mensen zijn maar arme mensen die geld hebben.
― Marnix Gijsen -
Een goed gedicht is een deel van ons geestelijk bezit dat we ronddragen en waaraan we in nood en vreugde steun vinden.
― Marnix Gijsen -
Er zijn twee lichtschuwe mensen: zij die geen geld bezitten, en zij die er onredelijk veel van hebben.
― Marnix Gijsen -
Legerdienst maakt van een jongen een man. Zo ongeveer als het bordeel van een meisje een vrouw maakt.
― Marnix Gijsen -
Alle bedrogen echtgenoten verlangen de bijzonderheden te kennen.
― Marnix Gijsen -
De liefde is een ziekte. Er is maar één genezing: bezit.
― Marnix Gijsen -
Het geluk is in het ogenblik; het ongeluk in de tijd.
― Marnix Gijsen -
De verbazing is de grond van alle lyriek.
― Marnix Gijsen -
De zelfmoord is een bekentenis dat wij iets dat voor ons wezenlijk is, nooit zullen bereiken.
De vleespotten van Egypte (1953) p. 41― Marnix Gijsen -
Een permanente, aandachtige vijand is haast dierbaarder dan onbetrouwbare vrienden.
― Marnix Gijsen -
Liefde en haat zijn in wezen één; zij houden in de wereld een labiel evenwicht in stand en elk exces in de ene of de andere richting verstoort dat.
― Marnix Gijsen -
De gedachte dat een opperwezen vierentwintig uren per dag zou nagaan wat wij hier verrichten, lijkt me even potsierlijk als pretentieus.
― Marnix Gijsen -
Elk schrijver, elk dichter vooral, moet een gezworen vijand zijn van de bibliofiel.
― Marnix Gijsen -
Ik denk dat de mens zich tenslotte vooral moet laten leiden door de waarheden die hij persoonlijk heeft ontdekt, veel meer dan door wat men hem heeft aangeleerd.
― Marnix Gijsen -
Men kan een ondergeschikte niet beter aan zich binden dan door hem een stukje autoriteit af te staan.
― Marnix Gijsen -
Onze angst, onze voorzichtigheid, onze kwetsbaarheid zijn niets anders dan de tol van onze grootheid als mens.
De vleespotten van Egypte (1953) p. 133― Marnix Gijsen -
De negerjournalist die uit wraak tegen de benaming 'colored people' de blanken nooit anders aanduidde als 'discolored people'.
― Marnix Gijsen -
Elk levend wezen heeft het recht zich soms in zichzelf terug te trekken en te treuren om onze ontoereikendheid, om het feit dat we niets méér dan mensen zijn.
― Marnix Gijsen -
Elke mens is alleen, en die naast ons lopen zijn vreemden die vroeg of laat tot dezelfde ontdekking moeten komen.
― Marnix Gijsen -
Het staat voor mij vast dat het onvoorwaardelijk najagen van de deugd moet uitlopen op een grondeloos egoïsme.
― Marnix Gijsen -
Men kan alleen iets bereiken met dingen waarin men gelooft.
― Marnix Gijsen -
Verstand van het leven heeft alleen een vrouw, omdat zij het leven verwekt en draagt.
― Marnix Gijsen -
Volgens Amerikanen besturen wij geen auto, maar mikken wij hem.
― Marnix Gijsen -
Wat is de mens anders dan een manier van doen?
― Marnix Gijsen -
We kunnen weinig doen in deze wereld, tenminste wat het goede betreft. In het boze zijn we onbegrensd, onbeperkt.
― Marnix Gijsen -
Wie naar grijsaards en vrouwen luistert wordt spoedig hun vriend.
― Marnix Gijsen













