J.C. Bloem
Nederlands letterkundige
Leefde van: 1887 - 1966
Geboren: 10 mei 1887 Gestorven: 10 augustus 1966
Over J.C. Bloem
Jakobus Cornelis (Jacques) Bloem (Oudshoorn, 10 mei 1887 – Kalenberg, 10 augustus 1966) was een Nederlands dichter en essayist over poëzie.
Sinds ongeveer 1903 ontwikkelde Jacques Bloem, vermoedelijk geïnspireerd door werk van Jacques Perk, zich tot dichter.
In 1908 ontmoette hij Jan Greshoff en even later ook P.N. van Eyck, die een belangrijke stimulerende rol in zijn ontwikkeling als dichter hebben vervuld.
Na enkele vergeefse pogingen werden enkele gedichten in 1910 toch geplaatst in het tijdschrift De Beweging van Albert Verwey.
De vroege poëzie toont invloeden van P.C. Boutens. In later werk is vooral de invloed van Karel van de Woestijne merkbaar.
In 1947 werden zijn Verzamelde gedichten uitgegeven, en ook ontving hij belangrijke literaire prijzen, zoals in 1949. In 1952 werd hij benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau.
Bron Wikipedia
Boeken van J.C. Bloem
Bestel J.C. Bloem boeken bij bol.com:
Zoek binnen de citaten van J.C. Bloem naar deze woorden:
Citaten 1 t/m 25 van 34.
-
Het bestaan van de dood is in elk geval een feit, dat van de vrije wil op zijn best een overtuiging. Maar men handelt altijd alsof de dood niet bestaat, de vrije wil wel.
― J.C. Bloem -
Iedere verandering is een verslechtering, zelfs een verbetering.
― J.C. Bloem -
Je moet leren de dingen die je te zeggen hebt, steeds eenvoudiger te zeggen. Je moet je bevrijden van je eigen retoriek.
― J.C. Bloem -
Niet anders is de gang van ieder leven:
Men raakt aan 't eind van alle dingen los.― J.C. Bloem -
Liefde maakt geenszins blind, integendeel. Liefde maakt helderziend, maar helaas tevens, dat men het geziene ontveinst.
― J.C. Bloem -
Alles in het leven duurt zo lang, behalve het leven zelf.
― J.C. Bloem -
Denkend aan de dood kan ik niet slapen,
En niet slapend denk ik aan de dood.
Gedicht: Insomnia― J.C. Bloem -
Een leven lang zich wassen, zich laten knippen, zich scheren en baden - en wat is het resultaat? Een rottend, stinkend lijk.
― J.C. Bloem -
Het is een dagelijks wonder, te leven.
― J.C. Bloem -
Ik verbaas mij telkens weer over het grote aantal geschikte en behoorlijke mensen op de wereld, terwijl de mensheid als geheel zo'n zootje is.
― J.C. Bloem -
Een vrijheid van geluk wil zijn verschonken aan wie zijn handen slechts te strekken weet.
― J.C. Bloem -
Natuur is voor tevredenen en legen. En dan, wat is natuur nog in dit land. Een stukje bos ter grootte van een krant. Een heuvel met wat villaatjes ertegen.
― J.C. Bloem -
Als de dagen verder opengaan is de eeuwige lucht een wonder.
― J.C. Bloem -
Het regent en het is november:
Weer keert het najaar en belaagt
Het hart, dat droef, maar steeds gewender,
Zijn heimelijke pijnen draagt.Gedicht: November― J.C. Bloem -
In het verleden, in de toekomst leven is verkeerd. Goed, maar wat, als het heden altijd onbewoonbaar is gebleken?
― J.C. Bloem -
Een slechte dictator kan vervangen worden door een goede, een slechte aristocratie door een goede, maar de democratie is onverbeterlijk. Wat zij is, goed of slecht, dat moet zij blijven. Want als alle mensen regeren, kunnen er niet meer, minder of anderen aan het bewind komen.
― J.C. Bloem -
Elk zijn is tot niet zijn geschapen.
― J.C. Bloem -
Iedere revolutie zou te onderdrukken zijn geweest, als men bijtijds tien raddraaiers tegen de muur had gezet. Maar men zoekt altijd de weg van de minste weerstand, die in de praktijk die van de meeste blijkt te zijn.
― J.C. Bloem -
Iemand, die zich van kant maakt om niet meer bang voor de dood te moeten zijn - Welk een onderwerp voor een verhaal of roman.
― J.C. Bloem -
Men moet geld hebben om te kunnen schrijven, maar nog meer om niet te kunnen schrijven.
― J.C. Bloem -
Verkiezen is het droefst verliezen.
― J.C. Bloem -
Bijgeloof is het geloof van de andere.
― J.C. Bloem -
Een van de vele tekenen van de menselijke domheid is de bewondering voor energie. Op zich zelf is energie een volkomen neutrale eigenschap, die pas bewonderenswaardig wordt als het doel, waarop zij zich richt, dat is.
― J.C. Bloem -
Een volk en een tijd zonder 'schuine' literatuur krijgt alleen vuile. Het bloed kruipt nu eenmaal waar het niet gaan kan.
― J.C. Bloem
Trefwoorden in deze citaten:
Vergelijkbare auteurs
-
C. J. Wijnaendts Francken
Nederlands letterkundige en filosoof 181 -
Remco Campert
Nederlands letterkundige 49 -
Bertus Aafjes
Nederlands letterkundige 34 -
Nicolaas Beets
Nederlands letterkundige 27 -
Jacob Israël de Haan
Nederlands letterkundige 22 -
Constantijn Huygens
Nederlands letterkundige 14 -
Rudy Cornets de Groot
Nederlands letterkundige 11 -
P.H. Ritter Jr
Nederlands letterkundige, criticus, schrijver en journalist 6


















C. J. Wijnaendts Francken
Remco Campert
Bertus Aafjes
Nicolaas Beets
Jacob Israël de Haan
Constantijn Huygens
Rudy Cornets de Groot
P.H. Ritter Jr