Georges Clemenceau
Frans geneeskundige en politicus
Leefde van: 1841 - 1929
Categorie: Politiek Land:
Frankrijk
Geboren: 28 september 1841 Gestorven: 24 november 1929
Over Georges Clemenceau
Georges Eugène Benjamin Clemenceau, (Mouilleron-en-Pareds (Vendée), 28 september 1841 - Parijs, 24 november 1929) was een Frans staatsman en tevens arts en journalist.
Als een van de heftigste radicale politici tijdens de eerste decennia van de Derde Franse Republiek kreeg hij de bijnaam "De Tijger". Tijdens de Dreyfus-affaire (1898-1906) aarzelde hij aanvankelijk partij te kiezen, maar later raakte hij overtuigd van Dreyfus' onschuld en werd hij een van de leidende Dreyfusards. Op 13 januari 1898 liet hij de provocerende open brief van Emile Zola op de voorpagina van L'Aurore zetten met de door hem bedachte titel, J'accuse..!
Hij is vooral bekend als de premier die Frankrijk krachtig en efficiënt leidde op het einde van de Eerste Wereldoorlog en die de onderhandelingen voerde die tot het Verdrag van Versailles leidden.
Bron Wikipedia
Boeken van Georges Clemenceau
Citaten 1 t/m 22 van 22.
-
Vrouwen leven langer dan mannen, vooral de weduwen.
Origineel:Les femmes vivent plus longtemps que les hommes, surtout quand elles sont veuves.
toegeschreven― Georges Clemenceau -
Democratie is de macht van luizen om leeuwen op te eten.
Origineel:La démocratie, c'est le pouvoir pour les poux de manger les lions.
Le Figaro 28 sept. 1944― Georges Clemenceau -
De ambtenaren zijn als de boeken in een kast: de hoogstgeplaatsten dienen het minst.
Origineel:Les fonctionnaires sont comme les livres d'une bibliothèque: les plus haut placés sont ceux qui servent le moins.
toegeschreven― Georges Clemenceau -
Je moet eerst weten wat je wilt, dan moet je de moed hebben het te zeggen, dan heb je de energie nodig het te doen.
Origineel:Il faut d'abord savoir ce que l'on veut, il faut ensuite avoir le courage de le dire, il faut ensuite l'énergie de le faire.
toegeschreven― Georges Clemenceau -
We liegen nooit zo veel als vóór de verkiezingen, tijdens de oorlog en na de jacht.
Origineel:On ne ment jamais autant qu’avant les élections, pendant la guerre et après la chasse.
toegeschreven wordt ook wel aan Bismarck toegeschreven― Georges Clemenceau -
Om een beslissing te kunnen nemen, moet er een oneven aantal mensen zijn, en drie is al te veel.
Origineel:Pour prendre une décision, il faut être un nombre impair de personnes, et trois c'est déjà trop.
toegeschreven― Georges Clemenceau -
Ambtenaren zijn de beste echtgenoten: wanneer ze 's avonds thuiskomen, zijn ze niet moe en hebben ze de krant al gelezen.
Origineel:Les fonctionnaires sont les meilleurs maris: quand ils rentrent le soir à la maison, ils ne sont pas fatigués et ont déjà lu le journal.
toegeschreven― Georges Clemenceau -
Het is beter te lachen om de levenden dan te huilen om de doden.
Origineel:Mieux vaut rire aux vivants que de pleurer aux morts.
Au fil des jours (1900)― Georges Clemenceau -
Alle tolerantie wordt op de lange termijn een verworven recht.
Origineel:Toute tolérance devient à la longue un droit acquis.
Au soir de la pensée (1927)― Georges Clemenceau -
Binnenlandse politiek? Ik voer oorlog. Buitenlandse politiek? Ik voer oorlog. Ik voer alleen maar oorlog.
Origineel:Politique intérieure? Je fais la guerre. Politique étrangère? Je fais la guerre. Je fais toujours la guerre.
Rede tot het franse parlement, 8 maart 1918― Georges Clemenceau -
Een onderzoekscommissie moet slechts drie leden tellen, van wie er twee afwezig zijn.
Origineel:Une commission d’enquête pour être efficace, ne doit compter que trois membres, dont deux sont absents.
toegeschreven― Georges Clemenceau -
Het grootste geluk is het verzachten van het lijden van zijn medemensen.
Origineel:Le plus grand des bonheurs est d'adoucir les peines de ses semblables.
Le voile du bonheur (1901)― Georges Clemenceau -
Het is gemakkelijker om oorlog te voeren dan vrede te maken.
Origineel:Il est plus facile de faire la guerre que la paix.
Toespraak bij Verdun 14 juli 1919― Georges Clemenceau -
Oorlog is een reeks catastrofen die eindigen in een overwinning.
Origineel:La guerre est une série de catastrophes qui se terminent par une victoire.
toegeschreven in 1918― Georges Clemenceau -
Voeg gewoon 'militair' aan een woord toe om het zijn betekenis te laten verliezen. Dus militaire rechtvaardigheid is geen rechtvaardigheid, militaire muziek is geen muziek.
Origineel:Il suffit d'ajouter 'militaire' à un mot pour lui faire perdre sa signification. Ainsi la justice militaire n'est pas la justice, la musique militaire n'est pas la musique.
toegeschreven― Georges Clemenceau -
Wat mij interesseert, zijn de levens van mensen die gefaald hebben, omdat het een teken is dat ze geprobeerd hebben zichzelf te overtreffen.
Origineel:Ce qui m’intéresse, c’est la vie des hommes qui ont échoué car c’est le signe qu’ils ont essayé de se surpasser.
toegeschreven― Georges Clemenceau -
De kerkhoven liggen vol onvervangbare mensen die allemaal vervangen zijn.
Origineel:Les cimetières sont pleins de gens irremplaçables, qui ont tous été remplacés.
toegeschreven― Georges Clemenceau -
Een onwaarheid kan een waarheid in de maak zijn.
Origineel:L'erreur peut être une vérité en devenir.
Au soir de la pensée (1917)― Georges Clemenceau -
Er zijn vrouwen die zo ontrouw zijn dat ze vreugde vinden in het bedriegen van hun geliefden met hun echtgenoten.
Origineel:Il y a des femmes tellement infidèles qu’elles éprouvent de la joie à tromper leurs amants avec leur mari.
toegeschreven― Georges Clemenceau -
Oorlog is een te ernstige kwestie om aan soldaten over te laten.
Origineel:La guerre! C’est une chose trop grave pour la confier à des militaires.
― Georges Clemenceau -
Uiteindelijk, zijn de oorlogsslachtoffers voor niets gestorven. Alleen zij stierven voor ons.
Origineel:En définitive, les victimes des guerres sont mortes pour rien. Seulement, elles sont mortes pour nous.
Toespraak over vrede (1919)― Georges Clemenceau -
Wat wij de waarheid noemen is slechts een eliminatie van fouten.
Origineel:Ce que nous dénommons vérité n’est qu’une élimination d’erreurs.
Aux embuscades de la vie (1903) p. 99― Georges Clemenceau











